Wanneer kwamen de eerste slavenschepen aan in Curaçao en Suriname?

AI-gegenereerde reconstructie van het schip De Bontekoe, gebaseerd op beschikbare historische gegevens.

In de geschiedenis van de slavernij in het Caribisch gebied worden enkele schepen al vroeg genoemd. De Bontekoe voer in 1657 Curaçao binnen. Zeven jaar later, in 1664, arriveerde het Engelse schip Swallow in Suriname. In 1669 volgde een Nederlands WIC-schip met de naam Haas. lees het hele verhaal in Waarom het slavernijverleden nog altijd doorwerkt in het heden. 

Deze vroege aankomsten markeren belangrijke momenten in het ontstaan en de ontwikkeling van de slavernij in Curaçao en Suriname. Toch zijn de namen van deze schepen en de gebeurtenissen rond hun aankomst relatief weinig aanwezig in het collectieve geheugen. Dat is opvallend, omdat de komst van deze schepen verbonden is met het begin en de verdere ontwikkeling van een systeem dat eeuwenlang grote gevolgen had voor de bevolking en de samenleving van beide kolonies. 

De Bontekoe – Curaçao, 1657

In 1657 voer De Bontekoe de Annabaai op Curaçao binnen. Volgens het Nationaal Archief Curaçao waren er 191 Afrikanen aan boord. Het archief noemt De Bontekoe het eerste slavenschip dat Curaçao binnenvoer.

De mensen aan boord waren afkomstig van de West-Afrikaanse kust. Een exacte vertrekhaven of handelspost is voor deze reis niet bekend. De overtocht naar Curaçao kon in de zeventiende eeuw ongeveer twee tot drie maanden duren, afhankelijk van vertrekplaats, wind en zeestromingen.

Kort na aankomst overleden 18 van de aangekomen Afrikanen. Een deel van de mensen die Curaçao bereikten, werd vervolgens doorverkocht. De mensen die op het eiland achterbleven, werden onder meer ingezet in de landbouw, veeteelt, haven, bouw en huishouding.

Curaçao zou in de daaropvolgende decennia een belangrijke rol gaan spelen in de handel in tot slaaf gemaakte Afrikanen. Het eiland ontwikkelde zich tot een belangrijke doorvoer- en handelsplaats, van waaruit mensen werden doorverkocht en verder vervoerd naar andere delen van het Caribisch gebied en Zuid-Amerika.

Swallow – Engels schip, Suriname 1664

AI-gegenereerde reconstructie van het schip Swallow, gebaseerd op beschikbare historische gegevens.

In februari 1664 arriveerde het Engelse schip Swallow in Suriname met 130 tot slaaf gemaakte Afrikanen. De Swallow wordt beschreven als het eerste Engelse trans-Atlantische slavenschip dat rechtstreeks vanuit Afrika in Suriname aankwam.

De exacte vertrekplaats aan de Afrikaanse kust is voor deze reis niet vastgesteld. Ook deze overtocht kon enkele maanden duren.

De aankomst van de Swallow betekende niet dat de slavernij in Suriname toen begon. Er waren al vóór 1664 tot slaaf gemaakte mensen in de kolonie. Een deel van de vroege Engelse kolonisten was vanuit Barbados naar Suriname gekomen en bracht tot slaaf gemaakte mensen met zich mee.

Rond 1650–1651 ontstonden in Suriname de eerste Engelse plantages. De plantage-economie groeide vervolgens verder, waarbij suiker een belangrijke rol kreeg. De mensen die met de Swallow aankwamen, werden na aankomst waarschijnlijk ingezet op Engelse plantages, onder meer in het gebied rond de Surinamerivier en de Para. 

De Haas – Nederlands WIC-schip, Suriname 1669

Vijf jaar later verschijnt een Nederlands WIC-schip in de bronnen: de Haas. In 1669 vervoerde dit schip volgens de beschikbare gegevens 429 tot slaaf gemaakte Afrikanen van New Calabar, in het huidige Nigeria, naar Suriname.

Van de 429 mensen die werden vervoerd, overleefden 300 mensen de overtocht. De beschikbare bron vermeldt daarbij dat niet met zekerheid kan worden vastgesteld of deze Haas dezelfde was als de Witte Haas.

De Haas was daarmee een vroeg Nederlands WIC-schip dat tot slaaf gemaakte Afrikanen naar Suriname vervoerde. De WIC was in deze periode echter niet de enige partij die mensen naar Suriname bracht. Zeeland speelde tussen 1667 en 1682 een belangrijke rol in het bestuur van de kolonie en ook particuliere handelaren waren actief.

1657 – De Bontekoe → West-Afrikaanse kust → Curaçao – 191 Afrikanen
1664 – Swallow → Afrikaanse kust → Suriname – Engels schip – 130 Afrikanen
1669 – Haas → New Calabar → Suriname – Nederlands WIC-schip – 429 vervoerd, 300 overlevenden

Van slavenschepen naar contractarbeid: twee verschillende historische betekenissen

De afschaffing van de slavernij betekende niet het einde van de plantagearbeid in Suriname. Op 1 juli 1863 werd de slavernij officieel afgeschaft, maar de voormalige tot slaaf gemaakten moesten nog tien jaar onder staatstoezicht werken. Tegelijkertijd werd gezocht naar nieuwe arbeidskrachten. Vanuit verschillende delen van de koloniale wereld kwamen daarom contractarbeiders naar Suriname. 

1858 – Merwede → Java (Nederlands-Indië) → Suriname – 14 Chinezen
1873 – Lalla Rookh → Calcutta (Brits-Indië) → Suriname – 410 Hindostanen
1890 – Prins Alexander en Prins Willem II → Java (Nederlands-Indië) → Amsterdam → Suriname – 94 Javanen

Van de 18 Chinezen die met de Merwede uit Java vertrokken, kwamen 14 in Suriname aan.

Maar in tegenstelling tot de aankomst van de eerste slavenschepen worden de aankomsten van de contractarbeiders herdacht als belangrijke momenten in de geschiedenis van de verschillende bevolkingsgroepen in Suriname. Deze aankomstdatums worden gezien als het begin van hun vestiging en als belangrijke momenten in de vorming van de diverse Surinaamse samenleving.  

Nieuwer Ouder