Wanneer vrouw-zijn voelbaar wordt: Astrid Roemer over identiteit en macht

Videostill van Astrid Roemer

Op 8 januari overleed schrijfster Astrid Roemer in Paramaribo. In een uitgebreid interview in De Balie uit 2020 sprak zij openlijk over wat vrouw-zijn voor haar betekende. Haar woorden vormen geen afsluiting, maar een nalatenschap: een persoonlijke en scherpe reflectie op gender, macht en identiteit.

Roemer (1947–2026) geldt als een van de belangrijkste stemmen binnen de Nederlandstalige Caraïbische literatuur. In haar werk en publieke optredens onderzocht zij steeds opnieuw thema’s als identiteit, koloniale geschiedenis en machtsverhoudingen. Wanneer haar in dit gesprek wordt gevraagd waar vrouw-zijn voor haar begint, blijkt hoe complex en gelaagd die vraag werkelijk is.

Vrouw-zijn als levenslange ontdekking

Roemer vertelt dat haar inzicht in vrouw-zijn niet vastlag in haar jeugd of volwassenheid. Pas op latere leeftijd, op haar drieënzeventigste, begon zij beter te begrijpen waarom mensen een levenspartner zoeken. Niet uit romantisch ideaal, maar om het gewicht van het leven samen te dragen. Ze spreekt over het leven als een “zware tas” die je alleen kunt dragen, maar die lichter wordt wanneer je die deelt.

Die visie is sterk verbonden met haar Surinaamse opvoeding. In Suriname staat het kerngezin minder centraal dan in Nederland. Familie is breed: grootouders, tantes en andere verwanten maken vanzelfsprekend deel uit van het dagelijks leven. Alleenstaand zijn betekent daardoor niet automatisch eenzaam zijn. Eenzaamheid, benadrukt Roemer, is een gevoel — geen levensvorm.

Identiteit ontstaat in confrontatie

Wanneer Roemer probeert te benoemen waar haar vrouw-zijn begint, maakt ze een opmerkelijk onderscheid. Ze zegt dat ze vooral weet dat ze vrouw is wanneer ze in de nabijheid van mannen is. In ruimtes met veel mannen — bijvoorbeeld in een lift — ontstaat plots een lichamelijke alertheid. Een gevoel dat niet rationeel is, maar diep verankerd in ervaring.

Bij vrouwen is dat bewustzijn minder nadrukkelijk aanwezig. Daar is vrouw-zijn vanzelfsprekender, minder beladen. Roemer laat hiermee zien dat gender geen abstract gegeven is, maar iets wat ontstaat in sociale situaties, gevormd door macht, kwetsbaarheid en veiligheid.

“Als ik mannen zie, dan weet ik dat ik vrouw ben.”

Een nalatenschap die blijft spreken

Aan het einde van het gesprek trekt Roemer een parallel tussen vrouw-zijn en zwart-zijn. Net als gender wordt ook ras vaak pas scherp voelbaar in confrontatie met de ander en met structuren van ongelijkheid. Identiteit is voor haar geen vaststaand gegeven, maar iets wat voortdurend wordt gevormd in relatie tot de wereld.

Nu Astrid Roemer is overleden, krijgen deze woorden extra gewicht. Ze laten zien hoe persoonlijk inzicht en maatschappijkritiek bij haar altijd samenvielen. Haar stem is verstild, maar haar denken blijft confronteren, inspireren en richting geven.

Bekijk het volledige interview

Het gesprek met Astrid Roemer is in zijn geheel te bekijken via YouTube. Het interview duurt bijna anderhalf uur en biedt uitgebreide context bij de citaten uit dit artikel.

▶ Bekijk het volledige interview met Astrid Roemer op YouTube